Spit Almelo dringt CO2 met elektromotoren terug
Nominatie milieuprijs en plan nieuwbouw

Almelo, november 2009 Tekst: Opinieweekblad voor Twente De Roskam

Reductie van CO2-uitstoot is een ‘hot item’, zeker na de belangstelling
die de film van Al Gore wereldwijd kreeg en na het hernieuwde appèl
van de Club van Rome en de Klimaatconferentie in Kopenhagen.

Bij het Almelose elektronicabedrijf Spit speelt reductie van CO2
prominent mee bij ontwikkelzucht en innovatiedrift. Het gaat bij Spit
om vermogenselektronica, waar een elektromotor voor nodig is. Door
kostenbesparing levert het ook nog geld op, waar de klant van profiteert.
 

Het vernuft van Spit zorgde de afgelopen jaar voor zo’n veertig miljoen ton minder
CO2-uitstoot. En dat heeft het bedrijf zeker geen windeieren gelegd. Eigenaar Mark Ent
vertelt enthousiast over de successen van het Twentse bedrijf. En over de plannen om
een nieuw bedrijfspand te laten bouwen, ergens in het Twentse land.
 

Bleef de omzet van Spit Elektromechanica in 2007 en 2008 gelijk, dit jaar kan
worden afgesloten met een stijging van tien procent. Toch is de omzet nog niet
terug op het niveau van de eerdere jaren. “We hebben deze eeuw al vijf jaren gekend
van zeer snelle stijging”, verduidelijkt Ent het succes en de groei van Spit.
 

“Ik ben in 1995 binnen het bedrijf gekomen. Mijn vader was hier toen al de baas,
want had het bedrijf van oprichter Spit overgenomen. Het was toen nog gevestigd op
Dollegoor in Almelo met elf man personeel. Nu staan er 75 medewerkers op de
loonlijst. Het zijn eigenlijk allemaal bijzondere figuren. We zoeken vakidioten, we
opereren wereldwijd. Je moet hier een neus hebben voor vernieuwing, gekke dingen
willen ontdekken, iets beter willen maken, een technische afwijking met mooie gevolgen.”
 

Behalve de hoofdvestiging in Almelo zijn er kleinere vestigingen in Breda en Apeldoorn
geopend. Toch heeft Ent geen ambities om buiten Twente te groeien. Het bedrijf is in Twente
ontstaan en die ‘roots’ wil hij niet verloochenen. “In 1946 is oprichter Spit als engineer met het
bedrijf begonnen. Met de kennis die hij bij het Hengelose bedrijf Heemaf had opgedaan ging hij
voor zichzelf verder. Eerst in Enter, samen met Dissel, maar een paar jaar later solo in Almelo.”
 


 

De basis van toen, elektrische aandrijftechnieken, zijn nog steeds belangrijk voor het bedrijf.
De omzet bestaat op dit moment voor een groot deel uit orders die bij energiebedrijven worden
vergaard. Niet alleen in Nederland, ook ver over de landsgrenzen waaronder Dubaï, Siberië en –
dichterbij - Duitsland. Vijftig procent van de omzet komt uit het buitenland. Spit kan veel
innovatieve vindingen kwijt. Ent: “We hebben voor de kleinschalige markt voor Fortis –
windmolenproducent - een turbine ontwikkeld met het hoogst haalbare rendement tot nu toe.
Electro is de toekomst, daar moet je je echt niet in vergissen. We werken ook samen met de
universiteit van Eindhoven. Er valt nog genoeg te ontwikkelen, maar je loopt soms ver voor
de muziek uit. Tien jaar terug hebben we een miljoen gulden geïnvesteerd in een systeem om
energie te beheren binnen het bedrijf. Je kon precies zien waar de elektriciteit gebruikt werd,
in plaats van alleen de meter in de meterkast. Echter, de markt was er niet aan toe; geen interesse.
Nu begint dat fors aan te trekken, dus verdienen we die investering toch nog terug.”
 

De drang en de kunst om te innoveren zijn niet onopgemerkt gebleven, want
de  Kamer van Koophandel heeft Spit genomineerd voor de MVO-Award.
Deze wordt op 11 december uitgereikt aan het bedrijf dat het meest maatschappelijk
verantwoord onderneemt, wat in grote lijnen betekent dat het een positieve bijdrage
levert aan een beter milieu in vele betekenissen van het woord.
 

Elektriciteit is duur, dat weet iedereen. Je kunt al gauw een paar tientjes per
week of maand besparen door efficiënt onderhoud toe te passen. Als je nagaat
dat verlichting slechts zes procent van het totale energieverbruik opslurpt en
elektromotoren 65 procent, dan weet je dat er nog genoeg te bezuinigen valt.”
 

Ent zegt dat Spit heeft meer meevallers voor de klanten heeft. “We hebben een database
beschikbaar waarin bijvoorbeeld alle motoren staan die onze afnemers hebben, ook
die niet in gebruik zijn door overcapaciteit. Door als makelaar op te treden kunnen
we die overtollige voorraad verkopen voor de dagwaarde aan een andere klant, die
daardoor relatief goedkoop uit is. Het is slechts een klein deel van de meerwaarde die
wij kunnen leveren. Het gaat bij ons niet alleen om het repareren van een motor, het gaat
om het totale onderhoudpakket dat voordeel oplevert.”
 

Ent heeft nog veel plannen. Het pand op het bedrijventerrein pal aan de A35 wordt te klein.
“De apparatuur wordt steeds groter, vermogenselektronica valt onder categorie vier als we
ook een spuitcabine willen en grotere kranen, dat kan niet op deze locatie. Hier mag je bij wijze
van nog net een fiets buiten zetten, daar houdt het wel op. Komend jaar moet duidelijk zijn
waar we een nieuw pand bouwen. Nee, de locatie kan ik nog niet prijsgeven,
maar het zal wel in Twente zijn.”

 
Voorpagina
Reageer
Begin van pagina